constructie
<<< terug <<<
verkenning
Het functioneel samenstellen van delen noemen we construeren. In de techniek heet iets dus al snel een constructie. Grofweg kun je constructies onderverdelen in statische en dynamische constructies. Statisch is het als er weinig of niets beweegt in de constructie en dynamisch als het doel van de constructie is het bewegen of laten bewegen.
muurbevestiging
Bestaande steen- en betonconstructies zijn niet gemakkelijk te veranderen of te bewerken. Alleen met goed gereedschap kun je er in zagen, sleuven frezen of gaten boren. Voorwerpen aan de muur bevestigen zoals kasten, schilderijen en dergelijke vereist kennis van zaken in constructiemogelijkheden en enige praktische vaardigheid.
statisch
In deze les ga je aan het werk om zelf een stelling te bouwen. Met de beschikbare buizen en verbindingsstukken kun je in principe dezelfde constructies ontwerpen zoals langs de weg staan voor wegwijzers en dergelijke. Het zijn statische constructies, dus het gewicht is niet erg belangrijk. Wel belangrijk is de sterkte zodat het geheel niet te snel instort bij een beetje wind.
dynamisch
Bij alles wat beweegt hebben we te maken met dynamische constructies. Dit kan je fiets zijn, een auto of een hijskraan. De massa die elke keer in beweging wordt gezet of afgeremd, moet zo laag mogelijk zijn. De snelheid veranderen van een grote massa kost veel energie.
Een ander belangrijk punt is de stabiliteit van een constructie. De auto mag niet uit de bocht vliegen en de hijskraan niet omslaan.
<<< terug <<<